De vluchtelingen in Srebrenica waren doodsbang
Anne Mulder meldde zich vrijwillig aan voor de Dutchbat III-missie in Srebrenica. Het werd een groot drama, waarbij tussen de 7000 en 8000 moslimmannen werden vermoord door Bosnische Serviërs. Een aangrijpend verhaal over leven in oorlogsgebied.
“Dit is echt. Oorlog. Dat denk je steeds de eerste week.” Anne Mulder was in 1995 vierentwintig jaar en een keurige economiestudent in Nederland. Toen besloot hij zich aan te melden voor de Dutchbat III-missie in de enclave Srebrenica. De eerste kennismaking met het oorlogsgebied was spijkerhard.
“We landden in Zagreb en moesten daarna met de bus naar Srebrenica. De bus zat vol smokkelwaar. Medische spullen, want die waren er niet in de enclave. Moet je je voorstellen; Bosnische Serviërs die het VN-leger beletten medicijnen mee te nemen. Het was meteen duidelijk dat we niet de baas waren. We werden als VN-leger vernederd.”
Mulder was nog gewaarschuwd. Het was geen pretje, daar tussen de kogels van de burgeroorlog tussen Bosnische Serviërs en moslims. “Ik zei op de kazerne dat ik naar Bosnië wilde. De commandant verklaarde me voor gek. ‘Waarom wil je daar vrijwillig naartoe?’ zei hij. Maar ik moest en zou gaan, wilde nuttig zijn. Ik zag het gevaar niet.”
De verschrikkingen die Mulder in Srebrenica zag, veranderden zijn leven voorgoed. Met emotie in zijn stem vertelt de ex-militair over de dag dat Servische troepen onder leiding van generaal Ratko Mladiÿ met tanks de enclave bestormden. “Toen werd ik echt bang. Ik probeerde een boek te lezen. Na tachtig keer proberen had ik nog steeds het eerste woord niet opgeslagen. Dat is pure angst.”
Buiten de poorten van het VN-hoofdkwartier Potoÿari stonden drommen bejaarden, vrouwen en kinderen. Hun mannen waren gevlucht, de zwakkeren dachten bij de blauwhelmen veilig te zijn. “Tranentrekkende toestanden. Er zaten ineens 25.000 mensen op ons kamp. Er was niks. Geen eten, drinken, geen wc’s. Ze hadden angst voor hun kinderen en voor de mannen. Totale ontreddering en apathie bij die mensen.”
Ondertussen was luitenant-kolonel Thom Karremans druk bezig de noodzakelijke luchtsteun bij de Verenigde Naties aan te vragen. Mulder herinnert zich zijn felheid. “‘Alle Serven aan het gas,’ schreeuwde Karremans en daarna vroeg hij om de luchtsteun. Hij wist precies wie de bad guys waren.”
“Op een gegeven moment kwamen Servische officieren het kamp op voor onderhandelingen. De vluchtelingen waren doodsbang. Je rook de angst.” Bij de onderhandelingen vertegenwoordigde een leraar de gevluchte moslims. “Die man kwam bibberend en lijkbleek terug. Hij vertelde me dat generaal Mladiÿ een varken had laten aanrukken. ‘Dit gebeurt er met de moslims als ze niet luisteren,’ had Mladiÿ gezegd. Daarna sneed hij de kop van het beest door.”
Pas in Nederland hoorde Mulder dat er tussen de 7000 en 8000 moslims aan hun einde waren gekomen. Inmiddels maakt VVD’er Mulder kans op een plek in de Tweede Kamer. Daar wil hij verbaal vechten voor de rechten van oorlogsveteranen. “Pratend problemen oplossen en elkaar accepteren. Dat is vrijheid.”
De beruchte datum 11 juni 1995 staat bekend als ‘de val van Srebrenica,’ oftewel de massamoord op 7000 tot 8000 moslims door Bosnische Serviërs. Nederlandse militairen waren onder de naam Dutchbat III in het gebied aanwezig om toezicht te houden op het bestand tussen de moslims en de Serviërs. Van een bestand bleek echter geen sprake, want op 11 juni trokken troepen onder leiding van generaal Ratko Mladiÿ de enclave Srebrenica binnen, joegen de gevluchte moslimmannen op en vermoordden ze.
Publicatie Metro/Bevrijdingskrant 2010
Foto: Richard van der Klaauw


[...] Dit blogartikel was vermeld op Twitter door Politiek Next. Politiek Next heeft gezegd: B: De vluchtelingen in Srebrenica waren doodsbang | Anne Mulder, stem …: Inmiddels maakt VVD'er Mulder kans … http://bit.ly/9Ta27d #vvd [...]